Specialisaties Kinderen

  • Sensorische Informatieverwerking
  • Fijne motoriek en schrijfproblemen
  • Hulpmiddelen & advies
Tab 1
Sensorisch betekent zintuiglijk. Onze zintuigen geven informatie die wij nodig hebben om te kunnen overleven en te kunnen functioneren in het dagelijkse leven. De zintuigen ontvangen informatie van zowel binnen als buiten ons lichaam. We zijn in staat om belangrijke en onbelangrijke informatie van elkaar te onderscheiden en we kunnen waardoor de informatie die belangrijk voor ons is adequaat gebruiken. De zintuigen informeren en helpen ons de hele dag door om doelgerichte en doelbewuste reacties te kunnen geven.

Als we het over zintuigen hebben denken we meestal aan de ogen (visueel), de oren (auditief), de neus (reuk) en mond (smaak) en de huid (tastzin). Heel belangrijk zijn echter ook onze “verborgen” zintuigen: het evenwichtsorgaan, het gevoel uit de spieren en gewrichten en het gevoel vanuit onze inwendige organen. De ontwikkeling van de zintuigen begint al in de baarmoeder. De zintuigen maken een eigen ontwikkeling door maar werken niet afzonderlijk. Ze beïnvloeden elkaar en zullen uiteindelijk als een geheel moeten functioneren. Bij activiteiten gebruiken we diverse zintuigen tegelijkertijd. Zintuiglijke informatie wordt verwerkt door ons zenuwstelsel. Zo weten we steeds wat er in ons lichaam en in de omgeving aan de hand is, en kunnen we daar adequaat op reageren.

Een voorbeeld: als je het stoplicht op groen ziet springen stap je weer op de fiets om door te rijden; je gaat naar de wc als je voelt dat je een volle blaas hebt. Iedereen kent zintuiglijke prikkels die rustig maken, of juist actief, of die er voor zorgen dat wij op essentiële momenten niet in slaap vallen. Ieder mens heeft zijn eigen voorkeur voor het gebruik van zintuiglijke informatie in het regelen van de alertheid bv. kauwgom kauwen om je aandacht erbij te houden.

Hoe herken je problemen in de sensorische informatieverwerking?
Bij sommige kinderen verloopt de verwerking van informatie die vanuit de zintuigen binnen komt niet zo vanzelfsprekend en soepel als het eigenlijk zou moeten waardoor allerlei activiteiten in het dagelijks leven moeizaam verlopen. Zij nemen informatie rommelig waar, ervaren sensorische informatie sterker of juist minder sterk dan hun leeftijdsgenootjes. Binnenkomende informatie wordt niet goed aan elkaar gekoppeld, waardoor adequaat reageren moeizaam is, zoals:

Bij problemen met aanraking:
  • raakt van streek tijdens verzorging bv. Douchen en tanden poetsen
  • vermijdt lopen op blote voeten vooral in zand
  • raakt voordurend bepaalde voorwerpen of mensen aan
  • krimpt ineen als hij wordt aangeraakt.

Bij problemen met beweging en evenwicht:
  • wordt angstig als zijn voeten van de grond komen
  • is bang voor hoogtes en om te vallen
  • zoekt beweging op zoals voortdurend rond willen draaien en bewegen

Bij problemen met visuele informatie:
  • snel afgeleid door visuele informatie
  • hekel aan fel licht

Bij problemen met auditieve informatie:
  • hekel aan onverwachte/ harde geluiden zoals brommers, stofzuiger, kinderen
  • houdt handen over de oren om deze te beschermen tegen geluid
  • snel afgeleid door geluiden in de omgeving
  • kan niet werken als er achtergrondgeluiden zijn
  • lijkt niet te reageren op geluiden
  • geniet van vreemde geluiden, maakt graag harde geluiden

Bij problemen met smaak en geur:
  • eet alleen voedsel met bepaalde smaken en beperkt zich tot voedsel met een bepaalde structuur/temperatuur
  • toont sterke voorkeur voor bepaalde geuren en smaken
  • kauwt of likt aan niet eetbare voorwerpen

Problemen in de sensorische Informatieverwerking komen in allerlei gradaties voor, van heel licht tot zwaar, en zijn per kind verschillend. Ook kunnen deze problemen voorkomen naast bv. ADHD, stoornis in het autistisch spectrum of spraak/taal problemen. Het onvermogen van kinderen om soepel te kunnen reageren door problemen in de Sensorische Informatieverwerking is niet door niet willen maar door niet kunnen!

Wat is er aan te doen?
Kinderen met Sensorische Informatieverwerkingsproblemen kunnen worden aangemeld bij een therapeut voor observatie en behandeling. Er zijn ergotherapeuten, fysiotherapeuten en logopedisten die gespecialiseerd zijn in de behandelmogelijkheden van de Sensorische informatieverwerking. Chantal Uijtdehaag van Ergotherapie Terneuzen is gespecialiseerd in SI en werkt samen met in SI gespecialiseerde therapeuten in Zeeland.

Voor meer informatie kunt u ook terecht op www.nssi.nl

Squease
De sensorische informatieverwerking maakt veel gebruik van diepe druk. Diepe druk heeft een kalmerend effect en zorgt voor een betere prikkelverwerking. Diepe druk aanbieden kan altijd en overal met het drukvest van Squease. Dit drukvest is ontworpen voor zowel kinderen als volwassenen met bijzonderheden in de sensorische informatieverwerking. Je kan het oppompen waar en wanneer je dat zelf wilt. De diepe druk geeft je een prettig, veilig en beschermd gevoel. Het helpt de concentratie te verbeteren, sneller in slaap te vallen en beter om te gaan met stress/ angst/ overprikkeling. 

Als Squease ambassadeur hebben we ervaring met sensorische informatieverwerking, diepe druk en het drukvest. Voor meer informatie over Squease kun je kijken op www.drukvest.nl  

Squease_drukvesten

Heb je behoefte aan begeleiding bij het inzetten van het drukvest? Neem dan contact met ons op. 
Tab 2
Jonge kinderen gaan knippen, kleuren, tekenen, vouwen en bouwen. Deze vaardigheden helpen een kind bij het ontwikkelen van zijn/haar voorkeurshand en zijn/haar fijne handmotoriek. Deze ontwikkeling verloopt niet vanzelf, er is oefening voor nodig. Kleuters die moeite hebben met het uitvoeren van fijn motorische taken zullen deze taken veelal niet leuk vinden en gaan ontwijken. Dit kan een indicator zijn voor eventuele schrijfproblemen in groep 3.

Schrijfproblemen Kinderen die naar groep 3 of naar het eerste leerjaar gaan, zetten een belangrijke en moeilijke stap: ze leren schrijven! Het is een belangrijke fase, met vele valkuilen en moeilijkheden. Kinderen moeten aan verschillende voorwaarden voldoen om goed t e kunnen leren schrijven. Schrijven is veel meer dan alleen fijne motoriek: het is een totaal psychomotorisch gebeuren dat door het bewegen, de emoties en de cognitie wordt beïnvloed. Denk ook aan concentratie, organisatievermogen, taalbeheersing, ruimtelijke oriëntatie, lichaamsbesef, motivatie, zintuigen, oog-handcoördinatie, automatiseren, etc.

Schrijfproblemen uiten zich in een slecht leesbaar handschrift, maar ook in een foutieve pengreep, een traag tempo en/ of schrijfkramp. Het schrijven vraagt dan te veel energie van het kind en wordt als belastend ervaren. Een vroegtijdige signalering en interventie voorkomt dat het kind gefrustreerd raakt of achter gaat lopen met de lesstof.

Voorbeelden voor het starten met schrijven:
  • Moeite hebben met:
  • Het handhaven van een actieve zithouding
  • Kleuren binnen de lijnen, knippen op een lijn
  • Vasthouden van potlood, schaar of pen
  • Prikken, vouwen, beweegpatronen op papier
  • Hanteren van bestek
  • Veters strikken
  • Het ontwikkelen van een voorkeurshand (lateralisatie)


Het lateralisatieproces  Dit is een rijpingsproces van de hersenhelften, waarbij iedere helft zich specialiseert in zijn eigen specifieke functies. Daarbij wordt één helft de dominante/leidende helft, zodat alle hersenprocessen efficiënt en in samenwerking met elkaar kunnen verlopen. Een onderdeel vormt de ontwikkeling van een handvoorkeur. Het proces van lateralisatie is een ingewikkeld proces waarbij in een normale ontwikkeling voor het 7e jaar duidelijk vaststaat welke hand de voorkeurshand is. Als de lateralisatie niet optimaal ontwikkelt, kan een kind lang blijven wisselen van handvoorkeur of ontstaat er verwarring over de bewegingsrichting. Dit geeft problemen bij lezen, schrijven, spelling en rekenen. Kinderen laten dan spiegelingen zien zoals d-b-p, 6-9, maar ook omkeringen zoals eu-ue, 31-13 en het omkeren van woordjes maar-raam. Bij een goede intelligentie komen kinderen een heel eind in het leerproces, maar omdat op deze manier geen automatismen ontstaan, wordt het bij het toenemen van de eisen in de hogere groepen steeds moeilijker het lesprogramma te volgen. Het tempo blijft lager en er is meer energie nodig dan je zou verwachten bij zijn of haar capaciteiten.  Daarnaast blijft het structureren, organiseren en plannen van taken vaak lastig.

  • Wanneer een kind daadwerkelijk gaat leren schrijven kunnen er diverse problemen gesignaleerd worden:
  • Moeite met het voorbereidend schrijven
  • Letters worden op de verkeerde manier geschreven
  • Onduidelijk handschrift
  • Kind ervaart pijn en vermoeidheid bij het schrijven
  • Kind draait letters en/ of cijfers om
  • Moeite om tussen de lijnen te schrijven

Veel van deze zaken dienen bij een complexe vaardigheid als schrijven door kleine kinderen gecombineerd te worden. Het is dan ook logisch dat juist in deze fase met grote regelmaat schrijfproblemen zich openbaren. Kinderergotherapie kan uw kind helpen met het oplossen van schrijfproblemen. Het is daarom van belang, dat u zo vroeg mogelijk kinderergotherapie inschakelt wanneer schrijfproblemen worden geconstateerd.

Observatie-onderzoek-behandeling van schrijfproblemen
Wanneer een kind wordt aangemeld bij Ergotherapie Terneuzen – Goes zal er een intakegesprek plaats vinden met ouders en/of betrokken leerkracht om te achterhalen welke problemen er gesignaleerd worden. Vervolgens zal er een observatie plaats vinden van het kind tijdens verschillende teken/schrijfopdrachten. Deze zijn onderdeel van verschillende meetinstrumenten (afhankelijk van leeftijd) zoals de WRITIC, SOESS, SOS 2-NL, VMI, etc. Hiermee worden alle schrijfvoorwaarden gescreend en eventueel verder onderzocht.

Een actieve instelling en nauwe betrokkenheid van ouders, leerkrachten en overige begeleiders/hulpverleners is wenselijk om in een zo kort mogelijk tijdbestek resultaat te boeken. Vaak is dit in de vorm van rechtstreeks overleg met school en het maken van (kleine) opdrachten thuis.
Tab 3
Kinderen hebben soms moeite met het uitvoeren van alledaagse handelingen. Hierin kan ondersteuning van een ergotherapeut wenselijk zijn. U kunt hierbij denken aan advies aan kind en/of ouders om handelingen op een andere manier uit te voeren, maar ook aan aanpassingen of hulpmiddelen. U kunt denken aan:

  • Liggen en slapen (bed, ledikant, matras)
  • Zitten (kinderstoel, rolstoel, schoolmeubilair)
  • Verplaatsen en staan (stahulp, rollator, fietsen, rolstoel rijden)
  • Verzorging van uw kind (tillen, wassen, douchen)
  • Communicatie (pictogrammen, communicatieapparaat)
  • Zelfredzaamheid, zoals eten (bestek, bord, beker) of aan/uitkleden (sluitingen, soort kleding, volgorde)
  • Spelen en speelgoed (vereenvoudigen, fixeren, verdikken)
  • Schoolse vaardigheden (pen, schaar, potlood)
  • Computergebruik (toetsenbord, muis, zithouding)
  • Structuur, dagindeling (dagplanning, weekplanning, organisatie van de tafel)

U begrijpt dat er te veel mogelijkheden zijn om op te noemen. Neem vrijblijvend contact op met de praktijk voor meer informatie.
Axelsestraat 154,
4537 AS, Terneuzen
T 0115-622655
E info@ergotherapieterneuzen.nl